Bij overlijden (24 uur per dag): 06 207 312 27

|

Overige vragen: 0164 265 989

|

Volg ons op:

Reglementen bij onze begraafplaatsen

Lees online het reglement geldig voor de begraafplaatsen onder ons beheer.

U kunt hieronder ons reglement lezen, geldig voor de begraafplaatsen die onder ons beheer vallen. Indien u de reglementen digitaal wilt inzien, dan kunt u hier een digitale versie vinden.

Heeft u tussentijds nog vragen, dan kunt u altijd vrijblijvend contact met ons opnemen.

Neem contact met ons op

Begraafplaats Reglementen

Begripsaanduidingen
Artikel 1
In dit reglement wordt verstaan onder:

  • a. bestuur: het bestuur van de kerkelijke rechtspersoon “R. K. Begraafplaats Bergen op Zoom” te Bergen op Zoom, eigenaresse van de begraafplaats;
  • b. begraafplaats: het terrein bestemd voor het begraven van overledenen en voor het begraven of bijzetten van asbussen/urnen van overledenen, genaamd R. K. Begraafplaats Bergen op Zoom en gelegen aan respectievelijk: Mastendreef 3 te Bergen op Zoom en Nieuw- Borgvliet, Pastoor Kuijpersstraat 3 te Bergen op Zoom; op het adres Mastendreef 3 bevindt zich ook de Islamitische begraafplaats
  • c. beheerder: degene die door het bestuur is belast met de dagelijkse leiding en het beheer van de begraafplaats;
  • d. particulier graf: een ruimte op de begraafplaats, bestemd voor het begraven van één of meer overledenen, waarvan het gebruiksrecht voor de duur van 20, respectievelijk 30 jaar, is verleend aan één rechthebbende volgens de voorwaarden van dit reglement en welk grafrecht kan worden verlengd. Ten behoeve van de overledene, die op de Islamitische begraafplaats wordt begraven, wordt op verzoek een grafrecht voor onbepaalde tijd (eeuwigdurend ) verleend.
  • e. algemeen graf: een ruimte op de begraafplaats, bestemd voor het begraven van één overledene, waarvan het gebruiksrecht voor de duur van 10 jaar is verleend aan gebruiker volgens de voorwaarden van dit reglement, welk recht kan worden verlengd;
  • f. rechthebbende: de meerderjarige persoon of rechtspersoon aan wie het recht op een particulier graf of aan wie het recht op een voorziening op de urnenbewaarplaats is verleend;
  • g gebruiker: de meerderjarige persoon aan wie een recht op een algemeen graf is verleend;
  • h. grafrecht: het uitsluitend recht op een particulier graf voor 20 of 30 jaar of het recht op een voorziening op de urnenbewaarplaats voor 10 jaar, alsmede het gebruiksrecht in een algemeen graf voor 10 jaar. Tevens, op verzoek, het uitsluitend recht op een particulier graf op de Islamitische begraafplaats voor onbepaalde tijd (eeuwigdurende periode).
  • i. grafteken: grafbedekking eventueel voorzien van tekst en/of afbeelding;
  • j. asbus: hermetisch afgesloten vergankelijke koker met de as van de overledene;
  • k. urn: voorwerp waarin een of maximaal 2 asbussen zijn opgeborgen. De bepalingen voor asbussen in dit reglement gelden ook voor urnen;
  • l. urnenbewaarplaats: voorziening op de begraafplaats waarin asbussen of urnen in een onverbrekelijk afgesloten ruimte dan wel hecht aan de plaats van bijzetting verbonden, worden opgeborgen;
  • m. bijzetting:
    • 1. het begraven van een overledene in een graf waarin reeds een overledene is begraven;
    • 2. het begraven van een asbus/urn in een graf waarin reeds een overledene is begraven;
    • 3. het plaatsen van een urn op een graf, waarin reeds een overledene is begraven;
    • 4. het plaatsen van een asbus/urn in een voorziening op de urnen bewaarplaats waarin reeds een urn van een overledene is geplaatst.

Bestuur
Artikel 2
Het bestuur is gebonden aan het Statuut voor de kerkelijke instelling “R. K. Begraafplaats Bergen op Zoom” en terzake van het beheer van de begraafplaats bovendien aan dit reglement.

Artikel 3
Het bestuur belast één van zijn leden of een andere persoon, in dit reglement te noemen de beheerder, met de algemene leiding en het beheer van de begraafplaats.

 

Regelingen vóór een begraving
Artikel 4

  1. Vóór de begraving dient het verlof tot begraving of de bereidverklaring tot het bezorgen van de as te worden getoond.
  2. De voor de begraving en bewaring van een asbus noodzakelijke bescheiden, zoals de overeenkomst (zie artikel 10) en de kwitantie van betaling van de verschuldigde rechten of een deugdelijk bewijs van begraving of bewaring van een asbus voor rekening van derden en de eventuele autorisatie van de rechthebbende (of de gebruiker) moeten vóór de begraving c.q. bewaring aan de beheerder worden overgelegd.

Bevorderen van natuurlijke ontbinding
Artikel 5

  1. Het is verboden om een overledene te begraven in een zinken of andere metalen of kunststof (binnen)kist.
  2. Bij de begraving van een overledene is het niet toegestaan deze van een lijkhoes, dan wel van een lijkomhulsel te voorzien, die niet voldoet aan het Besluit op de Lijkbezorging 2013 en aan aanvullende en vervangende bepalingen zoals die door het Landelijke Organisatie van Begraafplaatsen (LOB ) zijn toegevoegd aan bestaande model Beheerverordening en Modelreglementen en alle overige wettelijke voorgeschreven vereisten ten behoeve van de bevordering van de lijkvertering
    en eventuele andere met deze regelgeving samenhangende doeleinden. De rechthebbende heeft er zorg voor te dragen dan hijzelf dan wel de bij de lijkbezorging betrokken uitvaartverzorger hiervoor afdoende maatregelen neemt en desgewenst op verzoek van de beheerder een daartoe strekkende verklaring afgeeft.
  3. Het is verboden om in een kist of ander omhulsel voorwerpen of objecten bij te sluiten die niet tot de kist of de overledene behoren, anders dan kleine verteerbare grafgiften. De materialen die verwerkt zijn in de lijkkist, de lijkhoes en de kleding van de overledene dienen zoveel mogelijk van natuurlijk verteerbare aard te zijn. In het geval van ernstige en gerechtvaardigde twijfel of de materialen aan deze eis voldoen, kan de beheerder een controle instellen. Blijken de gebruikte materialen niet aan de eis te voldoen, dan kan begraving worden geweigerd.
  4. De rechthebbende is verantwoordelijk voor het naleven van de onder lid 1 t/m 3 vermelde voorschriften. Eventuele schade en/of kosten als gevolg van niet-naleving van deze voorschriften zullen op de rechthebbende worden verhaald.

 

De begraving van een overledene en de bewaring van een asbus
Artikel 6

  1. Een begraving of de bewaring van een asbus geschiedt op een dag en uur met de beheerder tevoren overeen te komen en volgens aanwijzing van de beheerder.
  2. De kist, dan wel het omhulsel en de asbus, moeten zijn voorzien van een registratienummer; dit registratienummer moet worden opgenomen in het register van de overledenen.

 

Werkzaamheden op de begraafplaats
Artikel 7

  1. Het delven en dichten van graven, het openen van een graf, het opdelven van stoffelijke resten en het plaatsen en bijzetten van asbussen geschiedt uitsluitend door het personeel van de begraafplaats of door derden in opdracht van het bestuur.
  2. De beheerder geeft aan hen, die door de rechthebbenden zijn belast met de bouw, de aanleg of het onderhoud van de graftekens en/of beplantingen gelegenheid om hun werkzaamheden te verrichten op tijden dat de begraafplaats daarvoor geopend is. Zij volgen hierbij de aanwijzingen van de beheerder.
  3. Geen werkzaamheden mogen worden verricht op zon- en feestdagen en tijdens begravingen. Op zaterdag mogen geen werkzaamheden door beroepskrachten worden verricht, in opdracht van rechthebbenden, maar is uitsluitend de grafverzorging door de nabestaanden toegelaten.
  4. Iedere dag dienen gereedschappen, afkomende materialen en hulpmaterialen te worden meegenomen of te worden geplaatst of gestort volgens aanwijzingen van de beheerder.
  5. Bezoekers.

 

Artikel 8
Het bestuur bepaalt de tijden, waarop de begraafplaats voor bezoekers toegankelijk is. De begraafplaats is voor motorvoertuigen en voor fietsen (al of niet met hulpmotor) gesloten. De beheerder kan voor mindervaliden uitzondering toestaan. Honden en andere (huis)dieren zijn niet toegestaan op de begraafplaats. Bezoekers
worden verzocht luidruchtigheid te vermijden. Voor het houden van herdenkingen en/of de plechtige onthulling van een grafteken moet tevoren schriftelijke toestemming worden verkregen van het bestuur.

 

Administratie
Artikel 9

  1. Het bestuur is verantwoordelijk voor de administratie. De administratie bevat in ieder geval het wettelijk verplichte register van de overledenen met vermelding van hun registratienummer en de aanduiding van de plaats op de begraafplaats waar zij begraven zijn, alsmede een dergelijk register van de bewaarde asbussen. Deze registers zijn openbaar. Daarnaast bestaat er het nabestaandenbestand grafrechten, waarin de namen en adressen van alle rechthebbenden en
    gebruikers worden geregistreerd.
  2. Het boekjaar van de begraafplaats loopt van 1 januari tot en met 31 december.

 

II Het vestigen van grafrechten
Schriftelijke overeenkomst
Artikel 10
Een grafrecht wordt gevestigd door een schriftelijke overeenkomst.

 

Uitgifte van graven
Artikel 11
De graven van een gravenveld worden in volgorde uitgegeven. Het is niet mogelijk een bepaalde grafruimte te reserveren, tenzij een recht wordt verworven als bedoeld in artikel 12. Recht op een particulier graf of op een voorziening op een urnenbewaarplaats

 

Artikel 12
Het bestuur kan aan één meerderjarig persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht verlenen om voor 20/30 jaar, c.q. voor onbepaalde tijd (eeuwigdurend ) op de Islamitische begraafplaats, gebruik te maken van een bepaalde nieuw uit te geven grafruimte.

Het uitsluitend recht op een voorziening op een urnenbewaarplaats wordt bepaald op 10 jaar. Beide rechten gelden ten behoeve van hemzelf, de echtgenoot of levenspartner, een bloed- of aanverwante tot en met de vierde graad, of pleeg- of stiefkind.

Dit recht wordt verleend onder de voorwaarden, in dit reglement gesteld of door het bestuur later te stellen. In ieder geval moet betaling op grond van artikel 35 van dit reglement zijn geschied en moet bij de rechtsverkrijging schriftelijk worden vastgelegd dat het graf ( artikel 36 ) kan worden geruimd, wanneer dit recht, door
welke oorzaak dan ook, geëindigd is.

 

Gebruiksrecht van algemeen graf
Artikel 13
Het bestuur kan aan een meerderjarig persoon het recht verlenen om voor 10 jaar gebruik te maken van een plaats in een grafruimte, bestemd voor één overledene. Dit gebruiksrecht wordt verleend onder de voorwaarden, in dit reglement gesteld.

 

Adres rechthebbende en gebruiker
Artikel 14
De rechthebbende en de gebruiker zijn verplicht hun adres aan het bestuur op te geven, alsmede de wijziging van hun adres.

 

Overlijden rechthebbende en gebruiker
Artikel 15

  1. Binnen 6 maanden na het overlijden van de rechthebbende of de gebruiker dient het grafrecht na een daartoe strekkend verzoek van de erfgena(a)m(en) te worden overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner, een bloed- of aanverwant tot en met de 4e graad, of een pleeg- of stiefkind
    overeenkomstig artikel 16.
  2. Indien de rechthebbende is overleden en in het graf dient te worden begraven of zijn asbus dient te worden bijgezet, dient het verzoek tot overschrijving als bedoeld in lid 1 van dit artikel, voorafgaande aan die begraving of bijzetting te worden gedaan.

 

Overdracht en afstand grafrecht
Artikel 16

  1. Een grafrecht of een recht op een voorziening op een urnenbewaarplaats kan worden overgedragen door overlegging aan het bestuur van een door de rechthebbende en de betrokken rechtsopvolger getekend bewijs van overdracht, met vermelding van de personalia en het adres van de rechtsopvolger.
  2. Overdracht aan een ander dan de echtgenoot of levenspartner, een bloed- of aanverwant tot en met de vierde graad of een, pleeg- of stiefkind van de rechthebbende (of gebruiker) is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan naar het oordeel van het bestuur.
  3. Een rechthebbende kan afstand doen van grafrechten, zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding. Afstand dient schriftelijk te geschieden.

 

Weigering tot begraving of bijzetting
Artikel 17
Het bestuur behoudt zich het recht voor, ook nadat grafrechten zijn verleend, om canonieke redenen begraving van een overledene en met name de bijzetting in een meer-persoons particulier graf of in een algemeen graf te weigeren, onder teruggave van de reeds betaalde rechten, of alleen de begraving op een bepaald gedeelte van de begraafplaats toe te staan.

 

Ontbindende voorwaarden grafrechten
Artikel 18
Het bestuur kent grafrechten toe uitdrukkelijk voor de tijd, gedurende welke het terreingedeelte, waarin zich de graven en de urnen op de urnenbewaarplaats bevinden, tot de begraafplaats blijft behoren en voor de tijd dat de begraafplaats in exploitatie blijft. Aan de toegekende grafrechten kan geen titel ontleend worden zich te verzetten tegen de bestemmingsverandering van (een gedeelte van) de begraafplaats of tegen de voorgenomen sluiting of gesloten verklaring van de begraafplaats.

 

III Het verlengen van grafrechten
Schriftelijk informeren van de rechthebbende
Artikel 19

  1. Het bestuur zal uiterlijk één jaar voor het verstrijken van een termijn, waarvoor grafrechten zijn verleend en die kunnen worden verlengd, de rechthebbende schriftelijk attenderen op het aflopen van de grafrechten en de voorwaarden bekend maken, waaronder deze grafrechten kunnen worden verlengd voor een termijn van 10 jaar.
  2. Indien niet binnen 3 maanden na verzending van de mededeling om verlenging van het grafrecht is verzocht, dan zal van het aflopen van de termijn door een zichtbare mededeling melding worden gemaakt bij het graf en bij de ingang van de bewaarplaats. De mededeling blijft gedurende één jaar aanwezig maar tenminste tot het einde van de termijn van het grafrecht.

 

Verzoek rechthebbende
Artikel 20
Een rechthebbende kan binnen 2 jaar voor de afloop van de termijn schriftelijk verlenging van zijn rechten aanvragen voor een aansluitende termijn van 10 jaar.
Het bestuur zal een verzoek inwilligen, tenzij er redenen zijn om dit af te wijzen.

 

Verlenging in verband met bijzetting
Artikel 21
Wanneer in een particulier graf, bestemd tot het begraven van meerdere overledenen of hun asbussen, een bijzetting plaats vindt, wordt een lopende termijn van het grafrecht verlengd met een periode van 10 jaar, indien de lopende termijn van het grafrecht wordt overschreden door de wettelijke minimum- grafrust van 10 jaar van degenen die wordt bijgezet. Het nog niet verstreken gedeelte van de lopende termijn wordt met de verlenging verrekend. De verlengde periode is te rekenen vanaf de datum van bijzetting.

 

Algemene graven
Artikel 22

  1. Het recht van een gebruiker in een algemeen graf kan worden verlengd.
  2. Ten minste 6 en ten hoogste 12 maanden voor het verstrijken van de termijn van het recht op een algemeen graf doet het bestuur daarvan schriftelijk mededeling aan de gebruiker, wiens adres bij hem bekend is.

 

IV Einde van grafrechten
Artikel 23
De grafrechten eindigen:

  • door het verlopen van de gestelde termijn met inachtneming van het bepaalde in artikel 18 ;
  • indien het tarief overeenkomstig artikel 35 van dit reglement niet binnen één jaar na het vestigen of het verlengen van het
    grafrecht, is betaald;
  • indien een terreingedeelte, waarin zich de graven of de urnenbewaarplaatsen bevinden, aan de bestemming van begraafplaats wordt onttrokken of wanneer de begraafplaats niet meer als zodanig wordt geëxploiteerd, overeenkomstig artikel 18;
  • indien de aankondiging van het aflopen van de termijn van het grafrecht overeenkomstig artikel 18 bij het graf of de urnenbewaarplaats en bij de ingang van de begraafplaats vermeld is geweest en de rechthebbende gedurende die periode niet heeft gereageerd;
  • indien de rechthebbende het onderhoud van grafteken of beplanting verwaarloost en na sommatie weigert te doen herstellen of de herstelkosten te voldoen; dit met in achtneming van de wettelijke termijn;
  • indien de rechthebbende of de gebruiker bij onderhandse verklaring afstand doet van een verkregen grafrecht of gebruiksrecht. Wanneer nog geen gebruik werd gemaakt van het recht tot begraven kan een evenredige terugbetaling plaatsvinden.

 

V Indeling van de begraafplaats en onderscheid van de graven
Indeling door bestuur
Artikel 24
Het bestuur behoudt zich het recht voor de aanleg en de indeling van de begraafplaats, de bestemming van de gravenvelden en het onderscheid in graven vast te stellen en te wijzigen.

 

Uit te geven graven
Artikel 25
Het bestuur verleent rechten op het tijdelijk gebruik, respectievelijk medegebruik van:

  • particulier (familie) graf, bestemd voor het begraven van maximaal 2 overledenen en het daarbij plaatsen van maximaal respectievelijk 1 of 2 vergankelijke asbussen of het verstrooien van de as in het graf van respectievelijk 1 of 2 overledenen;
  • particulier (familie) graf, bestemd voor het begraven van maximaal 4 overledenen en het plaatsen van maximaal
    1,2,3 of 4 vergankelijke asbussen of het verstrooien van de as in het graf van respectievelijk 1,2,3 of 4 overledenen;
  • particulier kindergraf bestemd voor één overleden kind niet ouder dan 8 jaar dan wel voor een doodgeboren of onvoldragen vrucht. Plaatsing van één vergankelijke asbus of het verstrooien van de as van één overledene is toegestaan. In een kindergraf, dat onderdeel uitmaakt van een daartoe uitgezonderd perceel, is bijzetting van een asbus of het verstrooien van de as van één overledene niet toegestaan;
  • algemeen graf, bestemd voor het begraven van één overledene. Bijzetting van asbussen of urnen is niet toegestaan.
  • een graf bestemd voor het begraven van één overleden zuster/priester. Bijzetting van asbussen of urnen is toegestaan. Alleen de als rechthebbende ingeschreven persoon, kan degenen aanwijzen die, na overlijden, in een particulier (familie) graf mogen worden begraven of bijgezet.

 

VI Asbussen 
Bewaring van asbussen
Artikel 26
Asbussen kunnen op de begraafplaats bewaard worden door bijzetting:

  • in een bestaand particulier ( familie ) graf;
  • op een bestaand particulier ( familie) graf in een urn, die hecht aan de ondergrond is verbonden;
  • in de urnenbewaarplaats.

 

Recht op het bewaren van een asbus
Artikel 27
De artikelen 10 t/m 18 zijn van overeenkomstige toepassing voor degenen die een recht willen vestigen op het bewaren van een asbus of urn op de begraafplaats op een van de in artikel 27 genoemde wijzen.

 

Ruiming van asbussen
Artikel 28
Ruiming van een asbus na het vervallen van het recht op bewaren van de asbus geschiedt door verstrooiing van de as of op een andere wijze.

 

VII Graftekens en grafbeplantingen Vergunning
Artikel 29
Het bestuur kan uitsluitend aan rechthebbenden vergunning verlenen om graftekens en/of beplantingen op particuliere ( familie) graven aan te brengen. Hierbij moet voldaan worden aan de voorschriften voor het toelaten van graftekens vermeld in de bijlage behorende bij dit reglement.

 

Eigendom
Artikel 30

  1. Gedurende de termijn van het grafrecht blijven de graftekens en de grafbeplanting eigendom van de rechthebbende. Het bestuur aanvaardt deze graftekens en grafbeplanting niet in beheer. Dit betekent dat de rechthebbende verantwoordelijk is voor de voorwerpen die zich op de graven bevinden, alsmede voor het onderhoud, met inachtneming van het bepaalde in artikel 32.
  2. Schade aan graftekens ontstaan door storm en/of vandalisme wordt door het bestuur uitsluitend vergoed voor zover deze risico’s door de verzekeringsovereenkomst van het bestuur zijn gedekt
  3. Schade veroorzaakt door op de begraafplaats uitgevoerde werkzaamheden door personeel van de begraafplaats wordt door het bestuur uitsluitend vergoed tot het bedrag waarvoor deze risico’s door de desbetreffende verzekeringsovereenkomst van het bestuur worden gedekt.

 

Onderhoud graftekens en grafbeplanting
Artikel 31

  1. De graftekens en grafbeplantingen moeten ten genoegen van het bestuur worden onderhouden door de rechthebbende. Onder behoorlijk onderhoud wordt mede verstaan het doen herstellen, vernieuwen of waterpas stellen van graftekens en/of beplanting.
  2. In geval van kennelijke verwaarlozing van het onderhoud van een particulier graf kan het bestuur, voor zover de plicht tot onderhoud niet bij haar ligt, deze verwaarlozing vastleggen in een schriftelijke verklaring, die deze toezendt naar de rechthebbende, die binnen één jaar na ontvangst in het onderhoud voorziet.
  3. Indien de ontvangst van de verklaring bedoeld in het 2e lid, niet wordt bevestigd, maakt het bestuur de verklaring bekend bij het graf en bij de ingang van de begraafplaats, gedurende een periode van 5 jaar dan wel totdat in die periode in het onderhoud is voorzien.
  4. Indien toepassing is gegeven aan het 2e of 3e lid en niet alsnog in het onderhoud van het graf is voorzien, vervalt het recht op het graf op het moment dat de periode van één dan wel 5 jaar, bedoeld in het 2e , respectievelijk 3e lid, is verstreken.
  5. Indien het recht op het graf nog geen 20 jaar is gevestigd op het moment dat de periode bedoeld in het 3e lid is verstreken, blijft de bekendmaking in stand tot dat de periode van 20 jaar is verstreken dan wel totdat in die periode in het onderhoud is voorzien. Indien niet voordien in het onderhoud van het graf is voorzien, vervalt het recht op het graf zodra de termijn van 20 jaar is verstreken.

 

Plaatsen, verwijderen, herplaatsen van een grafteken door rechthebbende
Artikel 32
Tot het plaatsen, c.q. verwijderen van een grafteken, voor een bijzetting en tot het herplaatsen van een grafteken na een bijzetting moet door de rechthebbende opdracht worden gegeven. Wanneer een verwijderd grafteken zich op de begraafplaats bevindt en niet binnen drie maanden na de bijzetting wordt herplaatst is het bestuur gerechtigd de delen daarvan van de begraafplaats te doen verwijderen en te doen vernietigen op kosten van de rechthebbende.

 

(Tijdelijke) verwijdering grafteken door de beheerder
Artikel 33
Indien het wegens beheersmatige werkzaamheden op de begraafplaats naar het oordeel van de beheerder nodig is, kan het grafteken en/of de beplanting op het graf van een rechthebbende, op last van en voor rekening van het bestuur, worden weggenomen en kan op het graf tijdelijk zand worden gedeponeerd. De rechthebbende wordt hiervan tevoren in kennis gesteld.

 

Verwijdering graftekens en/of beplanting na einde grafrecht
Artikel 34
Binnen 3 maanden na het beëindigen van het grafrecht moeten grafteken en/of beplanting door de rechthebbende van het graf worden verwijderd. Indien na verloop van bedoelde 3 maanden door rechthebbende hieraan niet wordt voldaan dan wordt geacht deze geen prijs te stellen op het weer in bezit nemen van grafteken en/of beplanting.

 

VIII Tarieven
Artikel 35
Voor:

  1. het vestigen en verlengen van het grafrecht, inclusief het onderhoud en het ruimen van graven,
  2. bijzettingen,
  3. asbestemming.
  4. verlenging plaatsing urn,
  5. het ruimen van een urn, worden tarieven vastgesteld.

Ruiming van graven en asbussen
Artikel 36
Het bestuur heeft het recht de graven, inclusief grafteken, en de in de urnenbewaarplaats bewaarde asbussen, waarvan de rechten meer dan drie maanden zijn vervallen, te doen ruimen, met in achtneming van de wettelijke termijn.

 

IX Overgangsbepaling
Artikel 37
Voor in het verleden verleende grafrechten waarvan de tijdsduur niet meer aantoonbaar was vast te stellen, heeft het reglement van de R. K. Begraafplaats de termijn gesteld op 30 jaar na inwerkingtreding van reglement 1995. Het huidige reglement gaat uit van het toen bepaalde ten aanzien van de genoemde grafrechten.

 

X Slotbepalingen
Sluiting van een begraafplaats
Artikel 38
Het bestuur behoudt zich het recht voor de begraafplaats voor begravingen en voor het bewaren van asbussen te sluiten of gesloten te doen verklaren. Uitsluitend betalingen voor reserveringen, waarvan nog geen gebruik is gemaakt, worden door het bestuur aan rechthebbende gerestitueerd. Het bestuur is niet aansprakelijk voor opgravings- en overplaatsingskosten van resten en/of graftekens naar een andere begraafplaats.

 

Beroepsprocedure
Artikel 39
Met betrekking tot besluiten van het bestuur moeten belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld hiervan kennis te nemen en indien nodig hiertegen bezwaar te maken. Het bestuur moet binnen een vastgestelde termijn hierop een besluit nemen. Bij klachten over feitelijke handelingen op de begraafplaats kunnen belanghebbenden deze schriftelijk aan het bestuur voorleggen. Het bestuur zal binnen dertig dagen na ontvangst van de klacht reageren en daarna een besluit nemen en de belanghebbende daarvan schriftelijk in kennis stellen.

 

Onvoorzien
Artikel 40
In gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur. Wijzigingen van onderdelen van het reglement moeten door het bestuur worden bekrachtigd en bekend worden gemaakt.

 

Vervallenverklaring eerdere reglementen
Artikel 41
Het bestuur herroept de bepalingen en voorschriften van eerdere reglementen, de begraafplaats betreffende en stelt dit reglement daarvoor in de plaats.

Wijziging reglement
Artikel 42
Dit reglement met de daarbij behorende bijlage heeft de goedkeuring van de Bisschop van Breda. Het bestuur is gerechtigd dit reglement te wijzigen. Wijzigingen in dit reglement behoeven eveneens de goedkeuring van genoemde bisschop.

 

Dit reglement is vastgesteld in de vergadering van het bestuur d.d. 4 september 2019 en is goedgekeurd door de bisschop van Breda, d. d. 26 november 2019 en van toepassing verklaard met ingang van 1 januari 2020.

Begraafplaats Reglementen – Bijlage

Bijlage 

Behorende tot het reglement van de R.K. Begraafplaats Bergen op Zoom betreffende het beheer van de begraafplaatsen aan de Mastendreef 3 en Pastoor Kuijpersstraat 3 in de gemeente Bergen op Zoom.

 

Artikel 1
Bij de beheerder van de begraafplaats is voor iedere belanghebbende informatie te verkrijgen over de ligging van het graven en urnenbewaarplaatsen.

 

Artikel 2
Vergunning voor het aanbrengen van graftekens moet schriftelijk worden aangevraagd met tekening, maatvoering en omschrijving. Nadat de tekening en omschrijving door of namens het bestuur is beoordeeld en nadat de kosten voor grafdelven en grafrecht zijn betaald, wordt de vergunning verstrekt. Het plaatsen moet in overleg met de beheerder worden uitgevoerd.

 

Artikel 3
De particuliere graven kunnen als volgt worden onderverdeeld:

  • (a) Een graf met vrije vormgeving van graftekens bestemd voor 2 of 4 personen en 2 of 4 vergankelijke asbussen; er worden 2 overledenen boven en/of 2 overledenen naast elkaar begraven.
    • Afmetingen: hierbij de keuze uit 2 mogelijkheden, nl:
      • lengte 240 cm, breedte 100 cm/200 cm, maximale hoogte 100 cm. (A-graf) (Keldermodel)
      • lengte: 220 cm, breedte: 225 cm, maximale hoogte 100 cm. (V-graf)
  • (b) Een graf met vrije vormgeving van graftekens bestemd voor 2 personen en 2 vergankelijke asbussen: er worden 2 overledenen boven elkaar begraven.
    • Afmetingen: hierbij de keuze uit 2 mogelijkheden, nl:
      • lengte 220 cm, breedte120 cm, maximale hoogte 100 cm.(I-graf)
      • lengte 190 cm, breedte 90 cm, maximale hoogte 100 cm (G-graf)
  • (c) Een graf met voorgeschreven uniform grafteken bestemd voor een kloosterzuster. Alleen de als rechthebbende kloostergemeenschap kan de overledene aanwijzen die na overlijden in een zustergraf wordt begraven. De kloostergemeenschap kan het recht van de rechthebbende overdragen aan een van de nabestaanden (R-graf).
    • Afmetingen: lengte 190 cm, breedte 90 cm en maximale hoogte 100 cm;
  • (d) Een graf met vrije vormgeving van grafteken voor één kind niet ouder dan 8 jaar of een doodgeborene of een onvoldragen vrucht. Plaatsen asbus is afhankelijk van het perceel waar het graf zich bevindt.(Kgraf )
    • Afmetingen: lengte 100 cm, breedte 60 cm en hoogte 70 cm.
  • (e) Een algemeen graf met voorgeschreven uniform grafteken( vierkant model) bestemd voor één persoon. Het grafteken wordt in opdracht en op kosten van het bestuur geplaatst. (E-graf)
    • Afmetingen: lengte 100cm, breedte 60 cm, maximale hoogte 60 cm.
  • (f) Een graf als onderdeel van “natuurlijk begraven” bestemd voor één persoon en één vergankelijke asbus. De grafbedekking mag alleen bestaan uit natuurlijke objecten, zoals zwerfkei, hout, etc.; dit alles binnen een afmeting van 40 cm lengte, breedte en hoogte.

 

Artikel 4
In verband met het plaatsen van een urn in een urnenbewaarplaats:

  • als afsluiting van een urnenbewaarplaats is een granieten afsluitplaat toegestaan, zonder plateau. De granieten afsluitplaat wordt door de RK Begraafplaats geleverd en door het personeel aangebracht;
  • verplaatsing en/of verwijdering van de granieten afsluitplaat en/of urn geschiedt, met toestemming van de rechthebbende enkel door het personeel van de begraafplaats en voor rekening en risico van de rechthebbende;
  • de granieten afsluitplaat is eigendom van de aanvrager, zolang het recht loopt;
  • indien de rechthebbende de urn en de granieten afsluitplaat niet binnen één maand na afloop en beëindiging van de overeenkomst heeft opgevraagd, dan wel voor de afloop van de termijn, schriftelijk geen verdere wensen t.a.v. de asbestemming heeft kenbaar gemaakt, behoudt het bestuur van de RK Begraafplaats zich het recht om de granieten afsluitplaat en de urn te verwijderen en te vernietigen. Hierbij zullen de asresten worden verstrooid;
  • de RK Begraafplaats heeft het recht om de granieten afdekplaat en de urn te verwijderen wanneer er sprake is van wanbetaling of niet betaling.

 

Artikel 5
Om redenen van kwaliteit, duurzaamheid en esthetische aard moeten de graftekens van natuursteen, metaal, keramiek of duurzaam glas zijn, zonder naden of voegen. De materiaalsoorten dienen de weersinvloeden te kunnen weerstaan.

 

Artikel 6
Het opschrift dient zo eenvoudig mogelijk te zijn. Teksten of afbeeldingen mogen niet aanstootgevend zijn.

 

Artikel 7
Graftekens moeten worden geplaatst op de reeds aangelegde funderingsstroken. Graftekens dienen te worden geplaatst op een geheel dragend betonnen raamwerk. Op plaatsen waar geen funderingsstroken zijn aangelegd, moeten graftekens worden geplaatst op een doelmatige fundering.

 

Artikel 8

  • Grafbeplanting wordt toegestaan op en of aan de voorzijde van het graf. De strook die aan de voorzijde beschikbaar wordt gesteld, wordt gebaseerd op de breedte van het grafteken met daarbij een diepte van 30 cm. De beplanting mag maximaal 30 cm hoog worden.
  • Grind of marmerbeslag op het graf is toegestaan mits gedeponeerd op een betonnen- of stevige kunststof plaat.

 

Artikel 9
Met uitzondering van het gestelde in artikel 8, lid a, wordt rondom het graf niet toegelaten:

  • a. grind of marmerslag;
  • b. ijzeren hekken;
  • c. palen met buizen of kettingen;

 

Artikel 10
Het plaatsen van een firmanaam of enige andere reclame op graftekens is niet toegestaan.

 

Artikel 11
De uitvaartverzorgers en de leveranciers van graftekens worden geacht kennis te dragen van het reglement van de begraafplaats.

 

Artikel 12
Vóór het plaatsen van een grafteken dient de rechthebbende, of de leverancier namens de rechthebbende, schriftelijk op te vragen bij de beheerder de juiste ligging van een graf of met vermelding van de naam van de overledene, de datum van begraving, de naam van de rechthebbende met vermelding van de naam van de leverancier.

 

Artikel 13
Een grafteken dient voor een bijzetting zo spoedig mogelijk na het overlijden doch uiterlijk 24 uur voor de begraving zodanig van het graf te worden verwijderd, dat het graf kan worden gedolven. Funderingsresten dienen op aanwijzing van de beheerder ook te worden verwijderd. Het grafteken dient van de begraafplaats te worden afgevoerd of tijdelijk te worden opgeslagen op aanwijzing van de beheerder.

 

Artikel 14
Voor werkzaamheden op de graven door beroepskrachten is de begraafplaats geopend op de vijf werkdagen van 8 uur tot 16.30 uur. Buiten deze uren is het ook de uitvaartverzorgers en leveranciers van zerken, graftekens en urnen niet toegestaan zich op de begraafplaats te bevinden. Voor bezoekers is de begraafplaats dagelijks toegankelijk van zonsopgang tot zonsondergang.

 

Artikel 15
Het is niet toegestaan voor werkzaamheden op de graven gedeelten van de beplanting of de groenvoorziening, niet tot het graf behorende, te verwijderen. Bij vermeende hinder contact op te nemen met de beheerder.

 

Artikel 16
De ondernemers zijn aansprakelijk voor letsel en schade, toegebracht aan personen of zaken op de begraafplaats.

 

Artikel 17
Personen, belast met werkzaamheden op de graven, dienen minstens 16 jaar oud te zijn en naar het oordeel van de beheerder behoorlijk gekleed.

 

Gebruik van radioapparatuur is verboden.
Artikel 18
De ondernemers dienen zorg te dragen voor voldoende eigen personeel voor laden, lossen en transport. Zij mogen geen rechtstreeks beroep doen op assistentie door het personeel van de begraafplaats. Een verzoek tot het verlenen van hulp in bijzondere omstandigheden dient te worden gericht tot de beheerder.

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van het bestuur d.d.4 september
2019 ingaand 1 januari 2020.